Cursus - Beleggen op marge met de hefboom (leverage)

In les 3 van deze beleggingscursus heb je gezien uit welke onderdelen een beleggingsplatform bestaat. Dit hebben we gedaan aan de hand van het platform van broker Plus500. Als je de voorbeelden in deze cursus zelf in de praktijk wilt uitproberen, dan kan dat het best met een gratis demorekening. Daarop kun je met virtueel geld beleggen, zonder dat je enig risico loopt. Je kunt met deze link binnen enkele minuten een demorekening openen.

In deze vierde les van de cursus beleggen ga je zelf je eerste belegging doen. We gebruiken daarvoor als voorbeeld beleggen in aardolie. Olie is de meest verhandelde grondstof, en de prijs kan zeer actief op en neer bewegen. Maar maak je geen zorgen. Omdat je met 'speelgeld' belegt, verlies je niets als de olieprijs de verkeerde kant op gaat.

Een belegging vinden in het platform

We beginnen deze les met het openen van je eerste beleggingspositie. Dit zal een hoop duidelijk maken over hoe actief beleggen werkt. Open nu eerst je beleggingsplatform. Als je een demorekening hebt geopend bij Plus500, dan kom je met deze link in het handelsplatform terecht. (TIP: sla de link op in je favorieten, zodat je hem op elk moment snel kunt vinden.)

Als je nog niets hebt gedaan met je demorekening, dan staat er een onaangetast virtueel kapitaal van EUR. 40.000 op. Je ziet dat in de balk bovenin met de kerncijfers van je rekening. Zowel het beschikbaar vermogen als het eigen vermogen is EUR. 40.000, en je hebt 0 marge en 0 winst/verlies. Dat gaan we nu veranderen.

Klik in de lijst met categorieën op 'Alle populair' en kies dan het instrument 'Olie'. Je kunt ook een andere belegging kiezen, maar we gebruiken hier olie als voorbeeld omdat die markt 23 uur per dag, vijf dagen per weekl geopend is. (Als de markt gesloten is, kun je een andere belegging kiezen, of het doordeweeks overdag of 's avonds opnieuw proberen.) We gaan een positie in vaten olie openen, in de hoop dat de olieprijs stijgt en we de vaten later met winst kunnen verkopen.

De biedkoers, de laatkoers, en de spread

Het eerste dat je ziet achter 'Olie', na de koersverandering de afgelopen dag, is een prijs onder 'Verkopen' en een prijs onder 'Kopen'. Deze tween prijzen zijn niet hetzelfde. De koopprijs is iets hoger dan de verkoopprijs. De koopprijs is de prijs waarvoor de markt het product aan jou wil verkopen. Dit wordt de laatkoers genoemd. De verkoopprijs is de prijs waarvoor jij het product aan de markt kunt verkopen. Dit is de biedkoers.

Het verschil tussen de biedkoers en de laatkoers heet de spread. De spread bestaat omdat er niemand is die de belegging voor minder geld wil verkopen, en ook niemand die er meer voor wil bieden. Hoe populairder het product, hoe kleiner de spread meestal is. De spread is het verlies dat je lijdt als je de belegging koopt en meteen weer verkoopt.

Zoals we eerder hebben uitgelegd zijn sommige brokers 'market makers', die zelf beleggingen verkopen en terugkopen en daar het risico op lopen. In het geval van een market maker is de spread de beloning die de broker ontvangt voor dat risico. Bij Plus500 is de spread de prijs die je betaalt voor het openen en sluiten van een positie. Daar staat tegenover dat je verder geen transactiekosten betaalt. Bij andere brokers betaal je vaak ook transactiekosten voor elke belegging die je doet.

Voor de belegging in ruwe olie die we vandaag willen kopen, ligt de spread bij Plus500 waarschijnlijk ergens rond de 0,06% van de koers, maar dit kan variëren. Dit percentage is zó klein, dat je je er in de praktijk weinig zorgen over hoeft te maken, tenzij je van minuut tot minuut handelt (dat heet scalping).

Hefboom en marge

Omdat we willen speculeren op een stijging van olieprijs, klikken we op 'Kopen'. Later in de cursus komt aan bod hoe je kunt handelen als je een daling van de olieprijs verwacht. Maak je geen zorgen, er gebeurt nog niets als je op 'Kopen' klikt. Aan de rechterkant van je scherm opent een paneel waarop je de details van je order kunt instellen. In dit paneel kun je instellen hoeveel van de belegging je wilt kopen. In dit geval willen we 100 vaten olie kopen. Typ in het veld onder 'Aantal: Vaten' 100, of gebruik de +/- knoppen tot het aantal op 100 staat.

Onder het aantal-veld zie je de waarde van deze belegging. Ruwe olie wordt normaal verhandeld in Amerikaanse dollars, maar als je een demorekening in euro's hebt dan zie je ook wat de waarde omgerekend in euro's is. 100 vaten olie kosten flink wat geld (afhankelijk van de olieprijs). Toch kun je deze belegging ook kopen als je minder geld hebt.

Je ziet in het detailveld een bedrag de vereiste marge heet. Dit is hoeveel geld je op je rekening moet hebben staan om de positie te kunnen openen. Waarom heb je veel minder geld op je rekening nodig dan de waarde van de belegging? Dat komt doordat de broker jou toestaat om met meer geld te beleggen dan je hebt. Dit heet handelen op marge. In het geval van olie is de initiële marge 10%. Dat wil zeggen dat je met 10 keer zoveel geld kunt beleggen als je op je rekening hebt staan.

Het betekent ook dat je winst en verlies 10 keer wordt uitvergroot. Stel dat je maar net genoeg geld had om 10 vaten olie te kopen. Als olie dan $5 stijgt, verdien je 10 x 5 = $50. Maar omdat je op marge met 10 keer dat bedrag kunt beleggen, verdien je 100 x 5 = $500, met hetzelfde startbedrag op je rekening. Dit heet de hefboom. Hier is de hefboom 1:10. Let op: wat geldt voor je winsten geldt ook voor je verliezen. Wees dus voorzichtig met het gebruik van de hefboom.

De hefboom is niet voor alle producten gelijk. In het algemeen geldt dat hoe riskanter de belegging is, hoe kleiner de hefboom die de broker je geeft. Zo hebben volatiele cryptocurrencies vaak slechts een hefboom van 1:2, terwijl stabiele valuta's zoals de GBP/USD een hefboom van 1:30 hebben. In Europa geldt bij wet dat de maximale hefboom die brokers aan particuliere beleggers mogen aanbieden 1:30 is. Voor professionele beleggers kan de hefboom veel hoger zijn, tot wel 1:300.

Onderhoudsmarge en margin call

Voor de broker is de marge een garantie dat je genoeg geld hebt om eventuele verliezen te kunnen opvangen. Als de initiële marge op een positie 10% is, dan betekent dat dat je genoeg geld op je rekening moet hebben om een koersdaling van 10% te kunnen incasseren.

Hoe zit het dan met de onderhoudsmarge? Dat is de waarde die je eigen vermogen op elk moment moet behouden om het risico van verdere koersdalingen op te vangen. Dit wordt vooral belangrijk als een belegging heel sterk in waarde daalt. Meestal is de onderhoudsmarge de helft van de initiële marge. In het geval van olie is dit 5%.

Als je dus voor 5.000 euro vaten olie koopt, dan moet je eigen vermogen op elk moment minimaal 500 euro zijn. Wanneer je vermogen daaronder zakt dan kan de broker je vragen om geld bij te storten, of je positie sluiten om zich tegen verder verlies te beschermen. Dit heet een magin call.

Dit wil je koste wat kost vermijden. Daarom is het van belang om je risico te beperken. Hoe je risico beheerst bij beleggen komt later in deze cursus aan bod.

Beleggen in olie

Voor nu sluiten we af met het openen van de belegging in olie. Als je 100 vaten hebt ingesteld, klik je op 'Kopen'. (Later in de cursus komt aan bod wat je met de knop 'Verkopen' kunt.) Je ziet meteen in de menubalk aan de linkerkant dat er een groene 'bel' met een '1' erin is verschenen bij de knop 'Open Posities'. Als je hierop klikt krijg je een overzicht van je beleggingen. Op dit moment staan daar als het goed is alleen de 100 vaten olie. Als je verder vordert met actief beleggen zullen er meestal meerdere of zelfs tientallen beleggingen in deze lijst staan.

Wat ook veranderd is zijn de kerncijfers van je beleggingsrekening bovenin het scherm. Je beschikbare vermogen is gedaald met de initiële marge van de vaten olie. Maar als je naar de waarde van je belegging in olie kijkt zie je dat deze 10 keer zoveel waard is als het bedrag waarmee je beschikbare vermogen is gedaald. Dat komt dus door de hefboom.

Je eigen vermogen is ook veranderd, en waarschijnlijk iets gedaald. Dat komt door de spread die je altijd verliest op je belegging, samen met de koersveranderingen in de eerste minuten sinds je de positie hebt geopend. Er moet meestal wat tijd voorbij gaan voordat je belegging op winst komt te staan.

Onder 'O. Marge' zie je de vereiste onderhoudsmarge om je positie open te houden. Hoe groot je winst of verlies is zie je onder 'Winst/Verlies'.

Conclusie

Je hebt in deze les je eerste belegging gedaan, in ruwe olie. Of dit een slimme belegging is kunnen we niet zeggen, want op het moment van schrijven kan de olieprijs totaal anders zijn dan op het moment dat je de cursus volgt. Maar je belegt toch maar met virtueel geld, en als je daarmee verlies maakt kost het je niks.

Verkoop je belegging in olie niet, en houd deze een tijdje aan. Het is leuk om elke dag te zien hoe je positie zich ontwikkelt, en wat het gevolg daarvan is op je virtuele kapitaal. Probeer ook voor jezelf te bedenken: wanneer zou je de belegging willen verkopen? Hoeveel winst of verlies moet je maken op de olieprijs om uit te stappen? Met 'speelgeld' maakt dat natuurlijk niks uit, maar het is goed om op deze manier te leren denken voor als je straks met echt geld gaat beleggen.

 

Les 5 van de beginnerscursus beleggen